Improvisatie op gitaar begint bij blues

Waarom begin je met blues? Zoals ik bij de toonladders aangaf is een bluesladder eigenlijk een toonladder met minder noten. Daarom kun je ‘m makkelijker onthouden en kan vooral je gehoor wennen aan hoe bepaalde noten klinken ten opzichte van bepaalde akkoorden.

Een standaard bluesschema bestaat maar uit 3 akkoorden, dat is ook wel zo makkelijk voor beginners. Die 3 akkoorden zijn bovendien de 3 belangrijkste van de 7 die je er hebt in een normale toonladder. Dat zijn namelijk het eerste, vierde en vijfde akkoord van de ladder, je noemt ze ook wel de 1e, 4e en 5e trap (Over trappen later meer). Voor een toonladder van E zijn dat dus E, A en B:

E 1 2 3 4 5 6 7 1
E E F# G# A B C# D# E

Een standaard bluesschema ziet er bijvoorbeeld als volgt uit:

| E E E E    | E E E E   | E E E E | E E E E |

| A A A A | A A A A | E E E E | E E E E |

| B B B B    | A A A A | E E E E | B B B B |

Hier wordt het gespeeld, daar kun je overheen improviseren met onderstaand schema.  De solo speelt de gitarist op de 12e fret (te herkennen aan de dubbele puntjes). Dat is precies een octaaf hoger dan de open snaren waar ik vanuit ga. De oranje noten kun je voor het gemak in het begin het beste even buiten beschouwing laten. De gitarist loopt in het begin gewoon de ladder omhoog en naar beneden en laat vervolgens wat motiefjes zien en horen.

Blues toonladder gitaar

Je ziet en hoort misschien ook dat hij soms tijdens het hele schema hetzelfde motiefje speelt. Dat gebeurt veel in blues en in meer stijlen. Doordat de akkoorden erachter wisselen verandert de klankkleur en dat geeft vaak een goed effect.

 De oranje noot op de G-snaar (4e) kun je ook spelen door de witte noot ervoor te buigen. Je drukt hem omhoog, naar je neus toe. Als je ‘m ver genoeg buigt kun je zelfs de B halen (=open 5e snaar).

De meest klassieke blueslick is misschien wel die, die de gitarist doet op 3:36 doet. Eerst de noot (A) opdrukken, dan de open B-snaar, dan de open E-snaar. De noten uit dit voorbeeld van laag naar hoog:

Als je met gitaarspelen van zinnen maken kunt spreken, dan begint Stevie Ray Vaughan vrijwel iedere zin ermee, zeker zodra hij gaat zingen:

Hij speelt echter niet in de toonsoort E. Wil je wel met profs meespelen, dan kan dat hiermee:

Je zult merken dat er tegenwoordig vaak meer noten gebruikt worden dan de standaard bluesladder. Dat zijn vooral de tertsen van de onderliggende akkoorden, of er worden majeur bluesladders gebruikt. Daarover later meer.

Waar het vooral om gaat is dat je went aan de toonladder. Maak geen rare sprongen, maar loop de toonladder noot voor noot op en af naar noten die goed klinken en probeer die te versieren.

Er zijn vijf patronen van pentatonische ladders, waarmee je de complete hals kunt bespelen. Dit is die van de toonladder Amin (Je kunt ook met bovenstaand E-figuur beginnen in de 5e positie, na de 4e fret):

Met deze Amineur bluesladder kunnen we mooi Crossroads meespelen:

Steve Winwood en Eric Clapton komen 29-5-2010 in het Gelredome. Tickets kun je hier kopen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s