Tagarchief: toonladders

Meer toonladders

Je kent nu de majeur toonladders, de natuurlijke mineurladders en de pentatonische varianten daarvan. Door een octaaf op verschillende manieren in te vullen met noten zijn er meerdere varianten mogelijk. Je kunt verschillende toonladders spelen over dezelfde akkoorden. De bekendste die nog niet besproken zijn, zijn de harmonische- en melodische mineurladders en de kerktoonladders.

Bij een natuurlijke mineurladder mis je de terts van de dominant (zo mis je de Gis bij het E akkoord als je in de toonladder van A mineur speelt). Die terts is een erg belangrijke noot want het is een leidtoon die leidt naar de tonica (de grondtoon). De G# van het E-akkoord vraagt om de A. Daarom werden de harmonische en de melodisch mineurladders bedacht.

We jatten wat figuren van Wikipedia en gaan uit van E natuurlijk mineur (let erop dat het kruis bij de F ook geldt voor de F een octaaf lager. De 2e noot die je speelt is dus een Fis):

Music ClefG+1.svgMusic 4e1.svgMusic 4f1.svgMusic 4g1.svgMusic 4a1.svgMusic 4b1.svgMusic 4c2.svgMusic 4d2.svgMusic 4e2.svgMusic End.svg

E harmonisch mineur:

Music ClefG+1.svgMusic 4e1.svgMusic 4f1.svgMusic 4g1.svgMusic 4a1.svgMusic 4b1.svgMusic 4c2.svgMusic 4d2+.svgMusic 4e2.svgMusic End.svg

E melodisch mineur, waarbij er onderscheid wordt gemaakt tussen stijgend en dalend (let weer op de kruizen en herstellingstekens):

Music ClefG+1.svgMusic 4e1.svgMusic 4f1.svgMusic 4g1.svgMusic 4a1.svgMusic 4b1.svgMusic 4c2+.svgMusic 4d2+.svgMusic 4e2.svgMusic 4d2n.svgMusic 4c2n.svgMusic 4b1.svgMusic 4a1.svgMusic 4g1.svgMusic 4f1.svgMusic 4e1.svgMusic End.svg

Voel je vrij om de stijgende ladder ook dalend te gebruiken en vice versa.

Tot slot de kerktoonladders. Je kunt alle onderstaande ladders spelen op de witte toetsen van de piano. Als je een andere toonsoort wilt moet je uiteraard transponeren en wel zwarte toetsen gebruiken:

Ionisch C-D-E-F-G-A-B-C

Dorisch D-E-F-G-A-B-C

Frygisch E-F-G-A-B-C-D-E

Lydisch F-G-A-B-C-D-E-F

Mixolydisch G-A-B-C-D-E-F-G

Aeolisch A-B-C-D-E-F-G-A

Locrisch B-C-D-E-F-G-A-B

De ionische en aeolische ladder ken je als als de toonladder van C en die van A natuurlijk mineur. De mixolydische ladder wordt wel gebruikt ter vervanging van de pentatonische bluesladder. De frygische ladder hoor je veel in flamenco. Verder hoor je de dorische ladder veel en kun je de locrische ladder vergeten.

Een korte post voor iets dat je jarenlang zult moeten studeren als je het goed wilt beheersen. Toonladders zijn goed om vrij te kunnen soleren, om je gehoor te ontwikkelen en om je instrument te verkennen. Speel ze daarom in alle mogelijke toonsoorten en posities.

Advertenties

Gebroken akkoorden

Tijdens een solo ben je natuurlijk helemaal vrij om te doen en laten wat er in je op komt. Een solo kan bestaan uit één noot, waar je wat ritmische motiefjes mee speelt. Als je wat meer indruk wilt maken kan dat met toonladders en gebroken akkoorden.

Een gebroken akkoord bestaat simpelweg uit alle noten van het akkoord, van laag naar hoog gespeeld en weer terug. Op een piano is dat eenvoudig, je pakt het akkoord en speelt de noten één voor één. Dat kun je een octaaf hoger weer doen, enzovoorts. Met een gitaar kan dat ook, dat is tokkelen. Tokkelen is echter geen soleren, het is een ritmisch motiefje dat je speelt met de akkoorden. Door de akkoordliggingen van een gitaar mis je een heleboel noten van het gebroken akkoord.

Neem bijvoorbeeld het standaard D-akkoord, dat bestaat uit D-A-D-F#. Je mist dan een F# na de eerste D. Ter illustratie een gebroken akkoord van C in de 3e positie. Gebroken akkoorden kun je, net als toonladders, doorgaans in vijf posities spelen op de gitaar:

Zo kun je hetzelfde met vierklanken doen. Zie hier een voorbeeld van Cmaj7 in de 3e positie:

De vingerzettingen heb ik erbij gezet. Met vingerzettingen is het belangrijk dat je anticipeert op de noten die gaan komen. Daarom pak je de B op de G-snaar met wijsvinger en niet met je ringvinger.

Voor vijfklanken geldt hetzelfde. Een vijfklank is eigenlijk al een (pentatonische) toonladder. Vijfklanken komen echter vrijwel uitsluitend voor in jazz. Het systeem van gebroken akkoorden werd gebruikt in de bebop jazz, bijvoorbeeld door Charlie Parker. Je kunt je voorstellen dat het hard werken is als je bij ieder akkoord een nieuwe toonladder moet spelen. Zeker aangezien er soms iedere tel een nieuw akkoord gespeeld wordt. Dit ging ten koste van de expressie en daarom kwamen er eind jaren ’50 nieuwe systemen, waarover later meer.

Veel gitaristen blijven hangen in die ene mineur pentatonische bluesladder. Zelfs beroemdheden als Keith Richards. Als je ook de majeur pentatonische ladder kunt beheerst kun je al bovengemiddeld melodieus spelen. Met gebroken akkoorden ben je dus vrijwel iedereen de baas. Loop ze omhoog en omlaag en zodra een begeleidingsakkoord wisselt, wissel je van gebroken akkoord. Je hoeft ze dus niet af te maken.

De twee meest legendarische soli in de popmuziek zijn waarschijnlijk “Sultans of Swing” van de Dire Straits en “Hotel California” van The Eagles. Omdat ze zo melodieus zijn blijven ze goed hangen en ze zijn zo melodieus omdat ze bestaan uit gebroken akkoorden:

Sultans Of Swing (de hoofdband en het mouwloze shirtje mogen natuurlijk niet onderschat worden):

Hotel California:

Dit vind ik toch stiekem ook een goed liedje, met een melodieuze gitaarpartij:

Toonladders

De meeste muziekstukken staan in één toonladder (soms wordt er even gewisseld naar een andere, dat wisselen noem je moduleren, een wissel een modulatie). Het mooie daarvan is dat je bij het soleren op vaste motieven terug kunt vallen die altijd goed klinken.
Speel bijvoorbeeld eens de toonladder van A over ‘Here Comes The Sun’, dat overigens halverwege overgaat in een driekwartsmaat tijdens ‘Sun, Sun, Here we come’. Begin op de rode grondtoon, loop de ladder helemaal omhoog en weer terug naar beneden. (d=duim, w=wijsvinger, m=middelvinger, r=ringvinger, p=pink)

Begin bij de gitaar met je pink op de laagste rode grondtoon, loop de ladder helemaal omhoog en helemaal naar beneden, naar de laagste noot (= in dit geval een F#) en loop weer terug naar de rode grondtoon. Je vingers blijven steeds bij dezelfde fret, je moet alleen één keer een zogenaamde stretch met je pink maken op de 3e snaar, zoals je kunt zien:

Doe dat nu eens over deze muziek heen:

Alle standaard majeur en mineur toonladders zien er als volgt uit:

Je kunt natuurlijk voor alle toonladders diagrammen maken voor piano en gitaar, zoals ik bovenin heb gedaan. Dat kan een goede methode zijn om ze te leren. Ook kun je stickers plakken op je gitaar of piano, waarbij je in ieder positie een toonladder aangeeft die bij een favoriet muziekstuk van jou hoort. Een paar voorbeelden:

Borderline in D

Don’t let the sun in C

Dream on in Fmin

Stayin alive in F#min

Bird of paradise in Dmin

I say a little prayer in F#min

Hotel california Bmin

Long and winding road in E♭

While my guitar gently weeps in Amin

Hello goodbye in B

Thrill is gone in Bmin:

‘The thrill is gone’ is een mineur Blues. Een bluesladder wordt ook wel een pentatonische toonladder genoemd. Dat betekent dat de ladders uit vijf tonen bestaan. Dat zijn er 2 minder dan die hierboven. Daardoor zijn ze eenvoudiger te leren. Over bluesschema’s en -toonladders snel meer.

Hartstilstand en muzieknotatie

Je zult je afvragen wat het verband is tussen een hartstilstand en muzieknotatie. Dat verband is niet erg groot, maar je moet toch wat sensationeels maken van misschien wel het saaiste topic van dit blog. Het meeste hartfalen tijdens concerten schijnt voor te komen tijdens een rust in de muziek. Dat is niet tussen twee stukken in, maar ergens midden in een muziekstuk. Althans, dat vertelde de hoogleraar vormleer bij muziekwetenschappen. Hoe je de lengte van noten en rusten noteert zie je hier:

Als je een vierkwartsmaat hebt duurt een hele noot 4 tellen en een kwart noot 1 tel. Per vlaggetje erbij halveert de duur van een noot zoals je kunt zien. De 4 tellen van een vierkwartsmaat worden dus helemaal opgevuld met notatie. Soms zullen de vlaggetjes naar boven staan, soms naar beneden, afhankelijk van hoe hoog ze op de notenbalk staan en welke noten ervoor en erna komen. Terzijde, meestal verandert een akkoord op de eerste tel van de maat.

Aan het begin van de notenbalk, na de sleutel, zie je meestal een breuk staan, twee cijfers boven elkaar. Meest gangbaar zijn 4/4 (de vierkwartsmaat) met op grote achterstand een 6/8 maat en daarna de driekwartsmaat (3/4), die de achterstand nooit meer goed zal maken. Om nog maar te zwijgen van maatsoorten als 5/4 en 7/8. Maatsoorten zal ik later verder bespreken.

Onderstaand voorbeeld heb ik gemaakt om aan te geven dat de piano eigenlijk een product is van de muziektheorie. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld de gitaar en vrijwel alle andere instrumenten, die doorgaans dan ook ouder zijn dan de piano. Dan de gangbare notenbalken. Dat zijn:

– de F-sleutel voor de linkerhand van de piano en voor bas(gitaar)

– de G-sleutel voor de rechterhand van de piano en vrijwel alle gangbare instrumenten (met uitzondering van blazers):

We weten natuurlijk dat op de lijnen van de notenbalken de noten genoteerd worden. Voor noten die daarboven of daaronder vallen worden kleine hulplijnen genoteerd. Of bij andere instrumenten dan deze worden er soms andere sleutels gehanteerd die, net zoals je hierboven ziet, een ander bereik/register weergeven.

Zoals je ziet staan er geen lijntjes bij de zwarte toetsen. Daar zijn kruizen en mollen voor uitgevonden. Er wordt dan voor de noot op de balk een # of een♭ genoteerd voor respectievelijk een halve noot hoger of lager, daar schreef ik hier al iets over. Vervolgens blijf je dat doen voor alle noten op die lijn van de notenbalk tot een herstellingsteken volgt

Herstellingsteken:

Vaak staan de kruizen of mollen aan het begin van een muziekstuk. Dat geeft aan in welke toonladder het muziekstuk staat. De toonladder van C is de enige toonladder die geen kruizen of mollen heeft. Niet geheel toevallig bestaat die uit de witte toetsen van de piano. Toonladders zijn erg belangrijk in de muziek, daarover snel meer.